Global Positioning System (GPS)

Global Positioning System (GPS)
Het GPS systeem bestaat uit minimaal 24 werkende satellieten die in 6 vaste banen rond de aarde draaien en elk een eigen signaal uitzenden. Met de ontvangst van minimaal vier van deze satellieten kan een GPS-ontvanger zijn positie op aarde bij benadering (op ca. 10 mm nauwkeurig) bepalen.

Kernmerken van het GPS-systeem:

  • 24 uur per dag in bedrijf;
  • nagenoeg overal ter wereld bruikbaar;
  • werkt onder alle weersomstandigheden.

Het meetprincipe is gebaseerd op de afstandsmeting tussen satelliet en ontvanger en het bekend zijn van de positie van de satelliet. De afstanden tussen de satelliet en de ontvanger worden uit de gemeten looptijden van radiogolven afgeleid.

Toepassingsgebieden
In de grond- weg en waterbouw zetten we vaak GPS systemen in en/of een total station.

  • uitzetten van wegen;
  • uitzetten van grondwerk en de sparingen;
  • uitzetten van grondverzet en damwanden;
  • uitzetten en inmeten van kabels en leidingen

Zie ook de overige instrumenten: